zondag 18 februari 2018

Beter kijken

Ann Hornaday,
Talking Pictures: How To Watch Movies (VS 2017)
Essays, 296 pp.
Niet in het Nederlands vertaald.


Elke eerste vrijdagmiddag van de maand zitten wij er in Zaal 2 klaar voor: de voorstelling van de filmclub van het Groninger Forum, de beste bioscoop van de stad. De programmeur heeft voor ons dan een film uitgezocht die nog niet in première is gegaan in Nederland en vertelt vooraf over de regisseur, de plek van de film in zijn of haar oeuvre, de totstandkoming van de film, thema's en meer van dat soort dingen waardoor je gerichter en met extra interesse van de film kunt genieten. Het leukste is dat deze man vaak films uitzoekt waar ik zelf niet meteen naar toe zou gaan. Zo zagen we bijvoorbeeld een geheel geschilderde Poolse productie over Van Gogh, een Hongaarse film die in een slachthuis speelt, een vederlichte Franse komedie waar we met een enorme grijns uitkwamen en (mijn absolute favoriet tot nu toe) de nieuwste film van Jim Jarmusch over de poëzie van het dagelijks leven. Door me elke maand door een deskundige te laten verrassen zie ik films van buiten mijn eigen vertrouwde kringetje en blijf ik scherper en verruim ik mijn blikveld. Of tenminste, dat verbeeld ik me 😉.

zondag 11 februari 2018

De jacht op Gras

Sheri S. Tepper,
Grass (1989)
Roman, 544 pp.
Nederlandse titel: De heren van Gras


Een gezelschap aristocraten staat bij een groot landhuis klaar om aan de vossenjacht te beginnen. De dertienjarige dochter des huizes gaat voor het eerst ook mee, zeer tegen de zin van haar moeder. Op het eerste gezicht lijkt dit een weinig opvallende scène. Hij zou zo uit Trollope of een mooi opgezet kostuumdrama kunnen komen, maar al gauw voelt het .... verkeerd. Er lijkt iets niet te kloppen. De honden gedragen zich anders dan wij gewend zijn van jachthonden, en waarom is het paardrijden zo extreem pijnlijk voor de jagers? Nog vreemder is dat bij de mannen die niet mee jagen er opvallend veel zijn met missende ledematen en protheses. Nee, dit is bij nader inzien geen Brits kostuumdrama. We zijn hier vele eeuwen in de toekomst, op een andere wereld, Gras genaamd.

zondag 4 februari 2018

De burgerman

George & Weedon Grossmith,
The Diary of a Nobody (GB 1888-89)
Roman, 148 pp.
Nederlandse titel: Dagboek van een onbenul
Herlezing

Als we de hoofdpersoon van deze Victoriaanse klassieker naar de huidige tijd zouden verplaatsen, zouden we een saaie blogger van middelbare leeftijd krijgen, die een ruime rijtjeswoning in Amstelveen bewoont, in een vier jaar oude Volvo rondrijdt, een keurige baan op een klein maar oerdegelijk accountantskantoor heeft en worstelt met een twintigjarige zoon die verdulleme jobhopt, naar danceparty's gaat, zo nu en dan gbh gebruikt, met bitcoins speculeert en op veel te vlotte vrouwen valt. Zoiets. Dat is naar moderne termen vertaald het leven van brave borst Mr. Charles Pooter, die met zijn vrouw Carrie net naar een mooiere woning is verhuisd, zenuwachtig opkijkt tegen zijn meerderen, zich stiekem zorgen maakt over zijn status op de maatschappelijke ladder en toch zo is ingenomen met zichzelf en zijn leventje, dat hij zijn zoon krampachtig een zelfde soort bestaan toewenst.

zondag 21 januari 2018

Een juweel uit het Midden-Oosten

Rabih Alameddine,
An Unnecessary Woman (Libanon 2013)
Roman, 320 pp.
Nederlandse titel: Een overbodige vrouw

Dit boek is een juweel. Wat zeg ik? Een Juweel met een hoofdletter. Moet je nog meer weten? Ja, toch maar wel, want ik denk niet dat iedereen zo als een blok voor dit boek valt als ik. Het element plot is namelijk zo goed als afwezig. Strikt genomen is het enige wat er gebeurt, dat de 72-jarige Aaliya, een inwoonster van Beiroet die zich temidden van haar boeken heeft verschanst, een crisis beleeft die ze uiteindelijk kan bezweren, en prompt een nog veel ergere crisis over zich heen krijgt die bij nader inzien misschien wel geen crisis is. Is dat het? Nee, natuurlijk niet.

Introvert
Het boek biedt ons de herinneringen van Aaliya (die zoals ze eerlijk toegeeft voortdurend alle kanten uitschieten), maar vooral haar gedachten en haar stem, die fantastisch is: erudiet, intelligent, geestig, speels, eenzaam en bij wijlen wanhopig. Zij is de overbodige vrouw uit de titel. Als tiener uitgehuwelijkt aan een impotente nul, die haar al na een paar jaar verlaat; vervolgens vanwege de schande grotendeels genegeerd door haar familie; maar dankzij een goede vriendin aan werk gekomen in een boekhandel die ze tot haar pensioen bestiert.
I am my family’s appendix, its unnecessary appendage. I was married off at sixteen, plucked unripe out of school, the only home I had, and gifted to the first unsuitable suitor to appear at our door, a man small in stature and spirit.( ...)
I long ago abandoned myself to a blind lust for the written word. Literature is my sandbox. In it I play, build my forts and castles, spend glorious time. It is the world outside that box that gives me trouble.
Aaliya heeft ALLES gelezen en vertaalt elk jaar een meesterwerk uit de westerse literatuur in het Arabisch. Maar enkel en alleen voor haar eigen plezier. Niemand zal haar vertalingen ooit te lezen krijgen. Want Aaliya is de ultieme introvert.

zondag 14 januari 2018

Het godenkind

N.K. Jemisin,
The Kingdom of Gods (VS 2011)
Niet in het Nederlands vertaald
Roman, 621 pp.

Laat je niet beïnvloeden door het foeilelijke omslag. Daardoor lijkt dit boek misschien een goedkoop en stompzinnig verhaal, maar dat is het bepaald niet. Het is intelligent, ingenieus en zeer verslavend. Het is dat het het laatste deel in een trilogie is, anders was ik meteen doorgegaan naar het volgende deel. Deel 1, The Hundred Thousand Kingdoms, was destijds een soort openbaring voor mij. Nooit geweten dat je zo'n complex en boeiend verhaal over fictieve goden in een fantasiewereld kon schrijven. Ook het tweede deel, The Broken Kingdoms, dat voortborduurt op deel 1, maar met andere thema's, sleepte mij flink mee en dit deel 3 is misschien wel het beste, een waardige culminatie van een geweldige serie.

zondag 7 januari 2018

Hoe een onmogelijke puzzel opgelost werd

Margalit Fox,
The Riddle of the Labyrinth:
The Quest to Crack an Ancient Code (VS 2013).
Geschiedenis, taalkunde, 384 pp.
Niet vertaald.

Negentiende-eeuwse historici namen over het algemeen aan dat de Griekse geschiedenis begon in 776 vChr., met de eerste bekende Olympische Spelen. Vóór die datum was sprake van een lange periode van duisternis waarover weinig bekend was. Een ontdekking op Kreta door de Engelse archeoloog Arthur Evans rond 1900 bracht daar verandering in: in het paleizencomplex van Knossos ontdekte hij een enorme stapel kleitabletten (zo'n 3.000) uit circa 1.400 vChr. met daarop uitgebreide teksten. De kleitabletten waren door een noodlottig maar voor ons fortuinlijk toeval bewaard gebleven doordat ze in een grote verwoestende brand per ongeluk gebakken en vereeuwigd waren, in plaats van dat ze - zoals gebruikelijk - verpulverd werden. De teksten konden een schat aan informatie over deze onbekende beschaving opleveren, ware het niet dat er sprake was van een klein probleempje: niemand kende het schrift waarin ze geschreven waren en niemand had zelfs maar enig idee van de taal waarin de teksten waren opgesteld. Phoenicisch, Etruskisch, Hittitisch, nog iets anders? Geen mens die het wist.

maandag 25 december 2017

Merry Christmas met Charles

Charles Dickens,
A Christmas Carol (GB 1843)
Novelle, 85 pp.
In het Nederlands vertaald als Een kerstvertelling en Een kerstlied in proza


Dankzij deze vertelling bombardeerde The Times de schrijver Charles Dickens in 1988 tot 'the man who invented Christmas'. Er is onlangs zelfs een film met die titel uitgebracht. En zoals ik een paar dagen geleden zuur opmerkte heeft tegenwoordig elk gat in Nederland ineens een Dickensfestival, zozeer wordt de man met Kerstmis vereenzelvigd. Van veel historisch besef getuigen die festivals niet altijd. Het ziet er groen van de kerstbomen en rood van de kerstmannen. En dat terwijl de kerstboom eerst vanaf 1848 in Engeland in de mode kwam en Father Christmas in A Christmas Carol er heel anders uitzag dan de ouwe vetzak die pas in de late negentiende eeuw uit de VS werd geïmporteerd, zoals je kunt zien aan het plaatje verderop, uit de oorspronkelijke editie. Het is alleen om deze reden al heel leuk om de novelle te lezen, dat wil zeggen om te zien hoe het Dickensiaanse kerstfeest in 1843 nu eigenlijk echt gevierd werd. Zonder kerstboom dus, zonder Santa Claus, en met een kalkoen alleen voor de rijksten. Wat elk huishouden wel had om de feestvreugde te verhogen was hulst en mistletoe, bisschopswijn, gebraden gans, gezelschapsspelletjes, en muziek en dans. En verse sneeuw natuurlijk, in ieder geval in A Christmas Carol.

zaterdag 23 december 2017

Kerstkitsch of niet?

Het ging ongeveer zo.

Ebenezer Scrooge, hoofdpersoon
van Charles Dickens' A Christmas Carol
Anna 1: "Wat een kitsch, wat een commercie, elk boerengehucht heeft tegenwoordig wel een Dickensfestival rond de kerst. Alsof dat iets met Dickens en zijn verhalen  te maken heeft. Gewoon een gelegenheid om lange rokken en pandjesjassen aan te trekken en om nog meer overbodige troep te verkopen. En wat doet die ho-ho-ende kerstman daar? Ze weten verdomme niet eens dat Santa Claus een Amerikaans verschijnsel is dat helemaal nog niet in Engeland bestond in de tijd van Dickens. Mopper, mopper. Bah, humbug!"

Anna 2 (mijn betere ik, die helaas maar zelden de kop opsteekt): "Maak je niet zo druk. Natuurlijk zijn al die Dickensfestijnen kitsch en natuurlijk zijn ze commercieel, maar wat geeft dat nou? Daarom kunnen ze toch best leuk zijn? En het is toch een onschuldige vorm van vermaak? Je lijkt Scrooge wel. Kan het ook wat minder zuurpruimerig?"

Anna 1 (gevoelige snaar geraakt): "Ik een zuurpruim? Een Scrooge? Hallo! Je hoeft niet meteen te gaan schelden. Ik hou gewoon van de echte Dickens, niet van die verwaterde kitschversie."

Anna 2: "Flauwekul. Je kent A Christmas Carol alleen maar van de films, je hebt het verhaal zelf nooit gelezen. En je trok laatst al bij voorbaat je neus op voor een roman van een Amerikaanse schrijfster die had verzonnen hoe Dickens geïnspireerd werd om zijn Christmas Carol te schrijven."

Anna 1: "Ja natuurlijk, nog meer commerciële kitsch."

Anna 2: "Weet je niet, je hebt de roman helemaal niet gelezen. Je bent een zuurpruim. Scrooge! Scrooge!"

Dus toen moest ik wel.

🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲🌲

maandag 18 december 2017

Rijke dames en foute mannen

Anthony Trollope,
Can You Forgive Her? (GB 1864-65)
Deel 1 van 6 van de Pallisser Novels
Roman, 848 pp.
Niet in het Nederlands verkrijgbaar
Herlezing


Anthony Trollope was niet alleen een onwaarschijnlijk productief romanschrijver, hij had lange tijd ook nog gewoon een baan bij de Posterijen en ontwikkelde in 1852 de pillar box, die prachtige vrijstaande cilindervormige, rode brievenbus die zo typisch Brits is. Dankzij de pillar box hoefden de Britten hun post niet helemaal meer naar het postkantoor of de dichtstbijzijnde postkoetshalte te brengen, maar konden ze hun brieven gewoon in de pillar box om de hoek laten glijden. Er zijn vast niet veel schrijvers die zoiets praktisch aan de mensheid hebben nagelaten.

Konkelende geestelijkheid
Trollope wordt in Nederland niet zoveel gelezen (voor zover ik kan nagaan is van zijn tientallen romans alleen Barchester Towers - zeer onlangs - vertaald) maar in de UK is hij nog steeds zeer geliefd. Oké, hij is misschien niet helemaal van hetzelfde kaliber als tijdgenoten George Eliot en Charles Dickens, maar tweederangs is hij zeker niet. Het is niet voor niks dat zijn romans nog steeds massaal in druk zijn en zelfs zo nu en dan door de BBC verfilmd worden. Zo was er in de jaren zeventig een prachtige, maanden durende verfilming van zijn zes romans rond Lady Glencora en Plantagenet Pallisser op de buis, onder de titel The Pallissers. Heerlijk vond ik die. Wat later, in de jaren tachtig, ging ik de romans lezen en die waren eigenlijk nog beter. Het allerbekendst is Trollope trouwens om zijn Barchester-serie, ook weer zes romans, die zich afspelen rond een fictief stadje met een kathedraal en een konkelende geestelijkheid. Maar zelf gaf ik altijd de voorkeur aan de Pallisser-serie, waar politici een belangrijke rol spelen en waarin de adellijke familie Pallisser de rode draad is.

zondag 10 december 2017

Twee missers en een hit

Gek is dat. Soms ga je lekker voor een boek zitten dat door iedereen gretig verslonden wordt; je rekent op het equivalent van een bak chips (lage voedingswaarde, hoge amusementswaarde) en dan wil het maar niet leuk worden. Een andere keer begin je, onder het motto och-je-weet-maar-nooit, aan een auteur die zelf haar boeken publiceert, en blijf je maar doorvreten. Dat soort ervaringen had ik de laatste tijd een paar keer.

Ik las eerst een razend populaire roman die onlangs uit kwam, en waar ik  niks aan vond. Ik las vervolgens het debuut uit de jaren tachtig van een inmiddels veelgeprezen fantasy-auteur en vond er weer niks aan. En toen las ik deel 1 uit een serie van een tamelijk onbekende schrijver, stoomde enthousiast door naar deel 2 (dat nóg beter was) en raakte heel erg gefrustreerd toen aan het eind daarvan bleek dat de geplande tweeluik bij nader inzien was uitgegroeid tot een drieluik - en dat deel 3 nog lang niet uit was.